Bouw een insectenhotel

Tegenwoordig zijn er voor insecten steeds minder plekken om een nest te maken. Tuinen zijn versteend en veel te opgeruimd. Je kunt de insecten helpen door een insectenhotel te maken. Een super leuke bezigheid in de winter. 

Voor wie ga je bouwen?

Het ene insect is het andere niet. Ze hebben allemaal hun eigen voorkeuren. Zandbijen nestelen in de grond. Ze graven tunneltjes in de grond van 5 tot soms wel 60 cm diep. Metselbijen of maskerbijen gaan op zoek naar nestgangen in bakstenen, houtblokken of bamboestokken. Oorwormen en lieveheersbeestjes zoeken weer heel andere schuilgelegenheid. Des te meer variatie aan schuilplekken jouw hotel biedt, des te meer verschillende insecten er op af komen. Zo ontstaat er ruimte voor een multiculturele samenleving. 

Bouwen voor bijen 

Voor de bijen gebruik je het beste: zachte bakstenen en houtstammen voorzien van gaten, bamboestokken en holle plantenstengels (bijvoorbeeld van riet). Bijen zoeken nestgangen met een diameter van 2 tot 12 mm, afhankelijk van de soort. De kleine soorten (zoals de maskerbijen) zullen de kleinste nestgangen gebruiken, grotere soorten (zoals de metselbijen) zullen de grotere nestgangen gebruiken. Biedt zoveel mogelijk variatie aan om een grote diversiteit aan bijen aan te trekken. Nestgangen met 3 tot 8 mm in diameter worden het meest gebruikt. Het is belangrijk dat de gangen voldoende diep zijn! Een diepte van 15cm heeft de voorkeur. Een lange boorgang biedt ruimte aan meer nestcellen en kost daardoor minder energie dan het afdichten van meerdere korte boorgangen. De gaten of stengels moeten aan één kant dicht zijn, anders zullen de bijen er niet in nestelen. De gangen moeten glad zijn van binnen. Maak je boorgangen in hout, kies dan voor een harde houtsoort. Je kunt hiervoor het beste hout van eiken, esdoorn, es of beuk gebruiken.  Maak de gaten dwars op de vezelrichting van het hout.  Er ontstaan dan minder snel scheuren in het hout die de gangen ongeschikt maken. 

Maak nestgangen met verschillende diameters. Dan is er voor elke bij een geschikt nestgang.

Hommels
Deze pluizige wilde bijen nestelen in de grond. Je kunt hen helpen met een omgekeerde bloempot gevuld met wat droog strooisel, zoals: mos, gedroogd gras, takjes. Dit kan zeer goed dienst doen als nest voor de aardhommel. 

Lieveheersbeestjes, oorwormen en andere dieren

Deze dieren zoeken vooral beschutting in het hotel. Creëer holtes en spleten om veel verschillende soorten insecten naar je hotel te lokken. Waaronder: lieveheersbeestjes, oorwormen, spinnen en andere dieren. Voeg allerlei materialen aan de insectenwand toe.

  • stukken boomschors
  • bijeen gebonden takken
  • terracotta potjes gevuld met hooi
  • oude dakpannen
  • dennenappels
  • stenen 

Je kunt allerlei materialen gebruiken voor een insectenhotel.

De beste locatie 

Nesten richt je zoveel mogelijk naar het zuiden en plaats je op een plek die veel zon krijgt. Bijen zijn zeer warmteminnend en hebben het liefst zo veel mogelijk zon. Zorg ervoor dat de nesten ook beschut zijn tegen wind en regen. Geef de wand een dak met overstek. De wand gaat dan ook langer mee. 

In de buurt van de supermarkt

De meeste insecten leggen niet zo een grote afstanden af. Net als jij hebben ze niet alleen een fijne veilige woonplek nodig, maar ook voedsel. Plaats een insectenhotel in een omgeving waar ook voedsel te vinden is. Een inheemse, bloemrijke (kruiden)vegetatie met veel nectar en stuifmeel. Je zult dan meer insecten aantrekken tot je insectenhotel.

Bescherm de insecten 

Sommige vogels gebruiken het insectenhotel als een ‘all you can eat’ restaurant. Ze pikken alle holletjes leeg en laten het hotel geplunderd achter. Door de materialen in het insectenhotel af te schermen met gaas, kun je vogels verhinderen om de insecten op te eten.

Met gaas kun je vogels verhinderen om de stengels te verwijderen of leeg te pikken. Zorg voor voldoende afstand tussen het gaas en de nestgangen.

Laat een reactie achter